Van tovenaar tot voorganger
Sirkash groeide op in een Hindoe-familie in het berggebied in het oosten van Azië. Hun bron van bestaan was een familieboerderij, die niet veel opbracht, waardoor zij arm waren. Sirkash' opa was een tovenaar. Op een dag stierf zijn opa en daarmee zou zijn vader de volgende tovenaar worden. Toen werden zijn vader, moeder, broer en zus echter allemaal ziek.
SIRKASH WORDT TOVENAAR
Onze os en geit gingen dood en de geest van dood zweefde over ons huis. Mijn vader kon door zijn ziekte niet als tovenaar werken en daarom nam ik deze taak over vanuit het voorgeslacht. Ik begon op mijn twaalfde jaar met het uitvoeren van de werken van een tovenaar. Iedere ochtend voerde ik al de rituelen uit. Vlak voordat ik ging ontbijten moest ik de rituelen en de wassingen volbrengen. Ik diende in vier verschillende tempels en nam de zorg voor mijn hele familie op mij. Drie jaar lang hield ik mij hier mee bezig. Ik werkte hard als tienerjongen en werd snel volwassen.
EEN BIJZONDERE ONTMOETING
Op een dag was er een zendelinge uit Engeland in ons gebied, die folders had uitgedeeld aan mensen. Mijn oom liet mij de folder lezen. Wat niemand echter wist was, dat mijn oom in het geheim – vanwege de gevangenisstraf die je riskeerde bij het veranderen van geloof – een christen was geworden. In het foldertje las ik het verhaal van een vriend van Jezus: Lazarus, die ziek was geworden en stierf. Jezus had zijn vriend Lazarus uit de dood opgewekt, waardoor hij weer leefde. Tijdens het lezen van dit foldertje ervoer ik vrede en blijdschap, ook al begreep ik niet goed wat er stond geschreven. Verschillende gevoelens kwamen er in mij op. Nooit eerder had ik gehoord over de naam van Jezus.
Bij het lezen, zei mijn oom: “Vertel het niemand, anders ga je de
gevangenis in. Vertel het niemand, ik zal het je onderwijzen.”
Bij het lezen, zei mijn oom: “Vertel het niemand, anders ga je de gevangenis in. Vertel het niemand, ik zal het je onderwijzen.” Hij vertelde mij dat God mij alles zou geven wat ik nodig zou hebben, ook genezing. Toen ik aan mijn vader vertelde dat ik dit foldertje had gelezen, reageerde hij spottend “dit is het christendom". Toch zei mijn vader er ook bij dat als we genezing nodig hadden, we hiervoor dan Jezus Christus moesten accepteren. Zo probeerde ik van alles om dit te doen en vroeg mij ten opzichte van God af: “wat gebeurd er toch, er vindt helemaal geen genezing plaats". Elke dag voerde ik trouw al mijn rituelen uit. We nodigden zelfs op een dag negen verschillende tovenaars uit in de hoop dat mijn familie gered zou worden. Zij speelden op de fluit, sloegen op hun drums en deden hun rituelen, maar zonder resultaat. Al ons geld en het goud dat we hadden ging hieraan op.
LICHT IN HET DUISTER
's Nachts als iedereen lag te slapen ging ik naar mijn oom en hadden we gesprekken. Tijdens een van deze nachten, kwam mijn oom bij ons op bezoek. Man vader, moeder en ik namen Jezus Christus aan als Redder en Heer. Zes maanden later volgde ook mijn broer. Iedere daaropvolgende nacht waren we God aan het aanbidden. Elke nacht kwamen we in het geheim bij elkaar en hielden we een Bijbelstudie. Slapen wilden we niet meer, alleen nog maar bidden en de Bijbel lezen. Zo zagen onze nachten eruit.
In onze omgeving begon dit op te vallen. Eerst nog aan de alcohol en nu werd er over Jezus gesproken. Het boerenland van de familie bracht eerder nog weinig tot niets op, maar nu gaf het na een jaar een goede opbrengt en gezegende oogst. Ze vroegen zich af: “Hoe kan het dat hun land wordt gezegend? Wat is er gebeurd?"
Ze vroegen: “waarom slapen jullie niet? Jullie zijn aan het zingen en bestuderen de Bijbel”
IN DE CEL
Op een nacht stond er politie voor de deur. Ze riepen: "open de deur!” Politie, andere familieleden en al onze buren stonden om ons heen en ze vroegen: “waarom slapen jullie niet? Jullie zijn aan het zingen en bestuderen de Bijbel” (die we verstopt hadden). Een week lang werd er onderzoek gedaan naar ons. De mensen uit onze omgeving kwamen naar het politiebureau om de maximale gevangenisstraf van 6 jaar voor ons te eisen. Mijn oom en ik werden uiteindelijk vastgezet in de gevangenis. Daar vertelde ik mijn mede-gevangenen over Jezus Christus en mijn geloof. Ook leerde ik daar zaken doen en handel te drijven. Na 15 maanden gevangenschap werd ik vrijgelaten. Ons land was inmiddels een democratie geworden.
OVERWINNING
Terug in in ons dorp vertelde ik mijn buren en dorpsgenoten het evangelie. Zij kwamen tot geloof. Vijf jaar lang was ik actief in van deur-tot-deur evangelisatie en werkte ik lang als zakenman. Inmiddels heb ik het resort verkocht en geef ik leiding aan een kerk* in de stad. Op de berghelling waar ik zelf tot geloof kwam, zijn nu 52 van de 82 huishoudens Christen geworden. Op dit moment ben ik aan het bidden: "Heer wat mag ik van U doen?”
Sirkash
*FFF heeft in deze gemeente onlangs een jongerenconferentie gehouden voor meer dan 550 jong-gelovigen. Inmiddels is het in dit land weer verboden om het evangelie te delen. Drie jaar gevangenisstraf is nu de strafmaat. Enkele evangelisten en voorgangers zitten al vast.




























